Het Haags mobiel informatiepunt brengt meertalige informatie naar arbeidsmigranten toe

Praktijkverhalen

Arbeidsmigranten goed informeren over hun rechten, plichten en mogelijkheden is belangrijk, maar in de praktijk niet eenvoudig. Want hoe bereik je deze mensen? De gemeente Den Haag komt met een oplossing: een mobiel informatiepunt met een centrale rol voor de informatiebus. Deze opvallende bus staat zeven dagen per week op centrale plekken in de stad waar veel arbeidsmigranten wonen en samenkomen. Gerko Visée, projectleider informatievoorziening EU-arbeidsmigranten bij de gemeente Den Haag, vertelt samen met drie voorlichters over dit Haagse initiatief.

Foto van het mobiele informatiepunt, twee vrouwen geven uitleg aan een man

Veel arbeidsmigranten lopen met vragen en problemen rond die te maken hebben met hun werk, woonsituatie of gezondheid. De drempel om bij de gemeente aan te kloppen voor hulp is hoog; er is – door ervaringen in het land van herkomst – weinig vertrouwen in de overheid. Daarom is gekozen voor een laagdrempelige vorm van informatievoorziening. Gerko is als projectleider actief betrokken bij het mobiele informatiepunt. Hij legt uit waarom juist in Den Haag deze informatievoorziening op straat zo goed werkt. “Den Haag is een woonstad voor EU-arbeidsmigranten, geen werkstad. We kunnen de arbeidsmigranten dus minder goed bereiken via de werkgever of het uitzendbureau. Maar we weten wel in welke buurten ze wonen. Vandaar het idee: laten we met informatie naar de migranten toegaan. De insteek van zo’n mobiel informatiepunt is heel anders. Je wacht niet tot iemand naar je toekomt, maar helpt mensen in een kwetsbare positie op een actieve manier.” 

“Je wacht niet tot iemand naar je toekomt, maar helpt mensen in een kwetsbare positie op een actieve manier.”

Meertalige voorlichting op straat 

De voorlichters staan zeven dagen in de week op verschillende locaties in de wijken Laak, Escamp, Segbroek en Transvaal. Ze kennen de doelgroep goed en spreken verschillende talen, zoals Pools, Bulgaars en Roemeens. “Dit maakt een groot verschil”, legt Gerko uit. “Mensen worden in hun eigen taal aangesproken door iemand van de gemeente en dat geeft vertrouwen.” Het doel van het mobiele informatiepunt is het zichtbaar maken van de overheid. Mensen de weg wijzen naar de juiste informatie en dienstverlening. Gerko verduidelijkt de rol van de voorlichters: “Ze zijn een soort voorportaal en helpen de arbeidsmigranten richting de juiste dienstverlening van de gemeente en andere instanties, zoals stichting Barka (dakloosheid), Fairwork (arbeidsomstandigheden) en het Juridisch Loket.  

De coördinatie van het mobiele informatiepunt ligt bij Ania Paszak. Zij is zelf van Poolse afkomst en zet zich al jaren in voor de Poolse gemeenschap. Ania: “We werken met roosters, maar staan open voor alle signalen die we krijgen. Als we horen dat er een plek is waar veel mensen samenkomen, dan plannen we dat in. Wat dat betreft zijn we heel flexibel. Is het warm weer? Dan zetten we de informatiebus bij het strand. Op zo’n dag spreken we al snel met honderd mensen.” Ania werkt nauw samen met Violetta Riedel, een van de voorlichters. Zij spreekt naast Pools en Nederlands nog meer talen, waaronder Duits en Russisch. Violetta: “We spreken mensen op straat actief aan in hun eigen taal. Soms reageren ze heel verrast, maar het leidt bijna altijd tot een gesprek. Hierdoor durven mensen eerder een vraag te stellen en ook hulp te vragen.” 

Taal opent deuren 

Nilifer Seferova is Bulgaarse en ook een van de voorlichters. Naast Bulgaars en Nederlands spreekt zij Turks. Dat maakt haar heel geschikt voor deze rol, want Den Haag heeft een grote gemeenschap Turkssprekende Bulgaren. Als voorlichter helpt ze mensen op weg die in een vergelijkbare positie zitten als zijzelf, toen ze in 2012 naar Nederland kwam voor werk. Dat doet ze vanuit het mobiele informatiepunt, maar ook op andere manieren. Recent ging ze samen met een wooncoach van de gemeente langs de deuren in een straat waar veel Bulgaarse migranten wonen. “Begin je het gesprek in het Nederlands, dan gaat de deur snel dicht”, weet Nilifer. “Mensen in hun eigen taal aanspreken werkt het beste. Ze vertellen dan wél hun verhaal en zijn blij dat iemand luistert.”  

Dit initiatief laat zien dat het wegnemen van de taalbarrière hierin heel belangrijk is. “Door mensen in hun eigen taal te woord te staan, kun je mensen helpen, maar ook stimuleren”, zegt Ania. “Naast informatie over rechten en plichten, vertellen we ook over cursussen, dat de bibliotheek open is en waar je terecht kan voor taallessen.” De voorlichters zelf zijn een mooi voorbeeld van wat je kan bereiken als je de Nederlandse taal leert. Nilifer: “Toen ik naar Nederland kwam, werkte ik overdag en ‘s avonds nam ik taallessen. Zo heb ik mij verder ontwikkeld. Taal opent echt deuren.” 

“Door mensen in hun eigen taal te woord te staan, kun je mensen helpen, maar ook stimuleren.”

Drie vrouwelijke werknemers van het mobiele informatiepunt

Zichtbaar zijn voor de doelgroep 

Het mobiele informatiepunt valt op en dat is ook de bedoeling. “We zijn nu een half jaar bezig en mensen beginnen ons echt te herkennen”, vertelt Violetta. “Op sociale media, zoals Facebook, melden we waar en op welke momenten we langskomen met de bus. Dat werkt, want steeds vaker komen mensen naar ons toe met een gerichte vraag.” En niet alleen arbeidsmigranten maken gebruik van de informatiebus. Ook Nederlandse buurtbewoners zijn blij met het mobiele informatiepunt. Gerko: “Zij waarderen dat de gemeente wat doet voor de leefbaarheid in hun buurt en helpen graag mee. Bijvoorbeeld door een folder mee te nemen voor de Poolse buurman die niet weet wanneer het vuilnis buitengezet moet worden.” 

Dat de voorlichters echt een verschil kunnen maken, blijkt uit het voorbeeld dat Violetta geeft. “We stonden met de bus op een schoolplein. Een sociaal werker kwam naar me toe en vertelde dat de school al twee jaar niet in staat was om de moeder van een leerling te bereiken. Ik schreef een briefje voor de moeder in haar eigen taal en dat werd afgegeven op haar adres. Vijf minuten later stond ze bij de bus. Een probleem van jaren was in nog geen tien minuten opgelost.” 

“Op sociale media, zoals Facebook, melden we waar en op welke momenten we langskomen met de bus.”

Lessons learned 

Het afgelopen half jaar hebben ze in Den Haag een aantal waardevolle inzichten opgedaan en ook wijzigingen doorgevoerd. Ania: “We hebben gemerkt dat het voor de vaste medewerkers erg veel is om zeven dagen per week, vijf uur lang op straat te zijn. Het is intensief werk, zeker met alle verschillende weersomstandigheden waar ze mee te maken hebben. Daarom hebben we de roosters aangepast en werken we nu ook met flexibele krachten ter ondersteuning van de vaste medewerkers. Dit maakt het eenvoudiger om alles te organiseren.” 

Den Haag is niet de eerste gemeente die arbeidsmigranten actief informeert. Rotterdam startte eerder al een initiatief met voorlichters op straat.  Het is de verwachting dat meer overheden dit voorbeeld zullen volgen. Zo start de provincie Noord-Brabant in het najaar van 2023 een pilot. Gerko: “Elke provincie en elke gemeente heeft zijn eigen uitdagingen, het is overal net weer anders. We trekken gezamenlijk op om te leren van elkaar en ervaringen te delen op het gebied van informatievoorzieningen voor arbeidsmigranten, maar passen de uitvoering aan onze eigen situatie aan.”  

Niet over maar mét arbeidsmigranten praten 

De motivatie om de positie van arbeidsmigranten in Den Haag te verbeteren is groot. Gerko: “Als gemeente werken we hard aan een programma met meerdere actielijnen, dat aansluit op het rapport van Roemer. Het mobiele informatiepunt is waardevol omdat we zien dat we arbeidsmigranten op deze wijze echt beter bereiken.” Er zijn nog meer voordelen: signalen worden actief doorgegeven en daar kan de gemeente weer rekening mee houden bij de beleids- en planvorming. Ania: “Het is belangrijk dat je als gemeente niet over maar mét migranten praat. Je kunt van alles verzinnen, maar je moet goed luisteren naar wat de mensen nodig hebben.” Gerko vult aan: “De voorlichters behoren tot de doelgroep en weten als geen ander wat er speelt en leeft. Daar maken we graag gebruik van bij het toetsen van beleid en andere plannen. Zo is de Wet verhuurderschap net van kracht. Daar moeten we mensen over gaan informeren. De voorlichters kunnen ons hierbij helpen. Hun mening en ervaring zijn echt heel waardevol.”