Arbeidsmigranten huren hun woning vaak via hun werkgever of uitzendbureau. Daardoor kunnen problemen met het werk ook gevolgen hebben voor hun woonsituatie. Er gelden al regels voor huurcontracten, maar in de praktijk blijft het voorkomen dat arbeidsmigranten plotseling op straat komen te staan. Daarom werkt het kabinet aan nieuwe regels die arbeidsmigranten meer huurbescherming moeten geven.
Huurcontract los van arbeidscontract
Sinds 1 juli 2023 moet het huurcontract van arbeidsmigranten losstaan van het arbeidscontract. Dit is geregeld in de Wet goed verhuurderschap. Arbeidsmigranten moeten een apart en schriftelijk huurcontract krijgen, en informatie over hun rechten en plichten krijgen in een taal die zij begrijpen.
Nieuwe regels voor huurcontracten
Met het wetsvoorstel Passende huurcontracten wil het kabinet de huurbescherming van onder andere arbeidsmigranten verder verbeteren. Het voorstel is op 2 juli 2026 in internetconsultatie gegaan.
Het kabinet stelt onder meer voor om:
- Short stay te beperken tot maximaal 30 dagen. Bij short stay hebben huurders geen huurbescherming. De maximale termijn moet voorkomen dat deze contractvorm wordt gebruikt voor langere bewoning.
- Tijdelijke huurcontracten voor arbeidsmigranten mogelijk te maken. Zo'n contract duurt maximaal twee jaar en biedt wel huurbescherming. De huisvesting moet aan bepaalde kwaliteitseisen voldoen. Zo moet iedere bewoner een eigen slaapkamer van minimaal 5,5 m² hebben.
- Een extra mogelijkheid te bieden om een huurcontract te beëindigen bij huisvesting op het terrein van de werkgever. Als het arbeidscontract eindigt en de woning nodig is voor een nieuwe werknemer, kan de verhuurder de huur binnen een redelijke termijn beëindigen.